Hoe je denk je over Mindfulness

Tegenwoordig kan je geen tijdschrift openslaan of je leest wel iets over Mindfulness. De een loopt er mee weg, de ander is sceptisch of afwijzend. Als predikant krijg ik wel eens de vraag, wat ik van Mindfulness vindt? Wanneer ik doorvraag, blijkt dat de vragensteller vooral schrikt van de gedachte dat Mindfulness een boeddhistische achtergrond heeft. Ook werkt het begrip mediteren vervreemdend. In dit artikel geef ik wat meer achtergrond informatie over Mindfulness, opdat de lezer zelf beter zijn mening over dit fenomeen kan formuleren.

Westers of Oosters

Mindfulness vind ik zelf iets westers. In een TV programma vertelde een deskundige, dat een boeddhist onze Mindfulness trainingen niet zou herkennen als zijnde zijn spiritualiteit. Met name het vermijden of beperken van stress vind je niet terug in het boeddhisme. Eerder het omgekeerde. Jon Kabat-Zinn is de grondlegger van Mindfulness. Hij een microbioloog, die meditatie gebruikte voor stress/pijn hantering bij patiënten waar de artsen niet meer voor konden doen. Zijn wijze van meditatie is niet spiritueel, gebruikt geen mantra’s, maar leert mensen te leven met aandacht. Sinds de jaren ’70 gebruikt hij de door hemzelf bedachte meditatieoefeningen en veel mensen hebben er baat bij gehad.

Bewuste aandacht

Persoonlijk spreek ik liever van oefeningen, dan van meditaties. Mediteren heeft voor mij iets spiritueels, terwijl dat totaal afwezig is. Mindfulness leert je bewust gebruik te maken van je zintuigen en je waarnemingen. Een van de bekendste oefeningen is de rozijn-oefening. Je krijgt de opdracht om een rozijn te bekijken, te voelen, te ruiken, te proeven en op te eten. Je hebt in je leven talloze rozijnen gegeten, maar waarschijnlijk zal je tijdens de oefening nieuwe dingen waarnemen. Bewust iets aandacht geven, helpt je om andere zaken zoals gedachten, pijn, geluiden tijdelijk los te laten. Zelfs als je je aandacht bewust richt op stressvolle gedachten, pijn in je lichaam of irritante geluiden lijken ze te verminderen of zelfs weg te gaan. Mindfulness geeft handvatten voor het meest gegeven advies “je moet het loslaten”.

Therapeutische oefeningen

Mindfulness is in een ziekenhuissetting ontwikkeld en wordt vaak ingezet als therapie bij somberheid en depressie, paniek- en angstgedachten, overgevoelig voor prikkels van buitenaf of mensen die het moeilijk vinden om hun grenzen te herkennen. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond, dat Mindfulness / aandachtsoefeningen voor een grote groep mensen helpt. Somberheid neemt af, nare gedachten lijken te sneller te vervliegen, prikkels hebben minder impact en men ervaart minder overbelasting.

Aandacht maakt het leven mooier

Bewust aandacht kunnen geven aan iets, helpt je als je teveel gefocust bent op iets. Soms ga je zo in iets op, dat je belangrijker zaken totaal ontgaat. Misschien herken je het bij jezelf dat je helemaal in boek opgaat, dat je zelfs niet waarneemt dat je partner thuiskomt. Voor een keer is dat niet zo erg, maar als dat vaak voorkomt kan je partner gaan denken dat je niet om hem of haar geeft.

Een ander voorbeeld is dat je met iemand in gesprek bent, terwijl buiten stratenmakers een enorme herrie maken. De geluiden van buitenaf kunnen je zo gaan irriteren, dat je achteraf van het gesprek niets blijkt te hebben meegekregen.

Of je staat langs de lijn bij een voetbalwedstrijd van je kind, maar je gedachten dwalen steeds af naar dat vervelende gesprek op je werk. Als je kind thuis aan jou vraagt om iets te vertellen over dat geweldige doelpunt wat die gescoord heeft, ontdek je dat het jou totaal ontgaan is. Drie voorbeelden, die laten zien dat bewuste aandacht het leven mooier kan maken.

De aandachtsoefeningen

Tot slot lijkt het me goed om kort de mindfulness oefeningen te beschrijven. Vrijwel alle oefeningen beginnen met je aandacht te richten op je ademhaling. Voel hoe je in- en uitademt. Als nuchtere Nederlander kan je ook zeggen: zucht maar een paar keer diep of tel eerst tot tien. Je aandacht richten op je ademhaling is van oudsher een makkelijke manier, om je van andere zaken af te leiden. Het verlaagt je hartslag en het maakt je rustiger. Daar is niets zweverig aan.

Een andere oefening is iets met aandacht doen, wat je anders op de automatische piloot doet. Bijvoorbeeld tandenpoetsen, een kop koffie drinken, wandelen of eten. Probeer bewust je zintuigen te gebruiken: wat hoor je, wat ruik je, wat proef je, wat voel je, wat zie je. De kunst bij deze oefeningen is om dit zonder oordelen te doen. Niet naar anderen, maar vooral niet naar jezelf. Dat laatste is belangrijk. We zijn vaak veel te streng voor onszelf, waardoor we ons rot voelen. Mindfulness leert om vriendelijk voor je zelf te zijn. Wanneer je tijdens een oefening bent afgeleid (wat iedereen overkomt!), accepteer het en breng je aandacht vriendelijk weer terug.

De meeste oefeningen zijn een mix van richten op je ademhaling, gebruik maken van je zintuigen en het bewust verleggen van je aandacht. Vrijwel alle oefeningen kan je gewoon zittend, staand of liggend doen. Net waar je jezelf prettig bij voelt. Het vergt geen aparte kleding, matjes of attributen. Op internet zijn talloze geluidsfragmenten te vinden, waarin de diverse oefeningen worden beschreven.

In een volgend artikel wil ik het boek “Mindful met Jezus” bespreken van Philip Troost.